Categorie archief: Blog

365 dagen mediteren

Het is al weer een half jaar geleden dat ik voor het eerst schreef over mijn headspace reis en mijn beginnende ervaringen met mediteren. Ik heb mezelf toen vastgebeten in het doel om 365 onafgebroken achter elkaar elke dag te mediteren met behulp van de app van Headspace. Gisterochtend heb ik mijn doel gehaald! En daar ben ik best trots op!

365 dagen mediteren

 

 

Is mediteren leuk om te doen, iedere dag weer?

Ehm… nee, niet altijd. De opbouw van de meditaties zijn elke dag en in ieder onderwerp hetzelfde. De verschillende onderwerpen hebben wel allemaal hun eigen visualisatie oefening maar voor veel onderwerpen komt het ook op hetzelfde idee neer. Het gaat dan ook om “training the mind”. Er wordt wel eens gezegd dat je 10.000 uren moet trainen om ergens écht heel goed in te worden. Of het nu gaat over voetbal, athletiek, jongleren, piano spelen of meditatie; je moet heel vaak dezelfde handelingen oefenen om ze onder de knie te krijgen. Mediteren moet je eigenlijk ook zien als training en sommige trainingen gaan nu eenmaal beter dan anderen. Ik zit nu op 110 trainingsuren (met een kwartiertje per dag gaat het nu eenmaal niet zo hard) dus dan kan je ongeveer nagaan waar ik sta 😉

Heeft mediteren mij helemaal zen, verlicht en vrij van gedachten gemaakt?

Haha, nee! Zeker niet! Dat is ook helemaal niet de insteek van meditatie. De grootste misvatting is dat het doel van mediteren is om je hoofd vrij te maken van gedachten. Maar… dat kan helemaal niet. Het doel van meditatie is om je juist bewust te zijn van een gedachte die langs komt dwarrelen en deze los te laten door je weer te focussen op de oefening. Een jaar geleden bracht ik ongeveer driekwart van de oefening door verstrikt tussen gedachten en opschrikkend als Andy (de stem van Headspace) weer iets zei. Nu dwalen mijn gedachten alsnog wel eens af, maar ik ben me er veel sneller van bewust en ik heb Andy niet meer nodig om mijn focus terug te brengen naar de oefening.

mediteren in Amerika

Waar mediteer ik dan nog voor?

Nou, in mijn eerdere blog van een half jaar geleden schreef ik al over een aantal dingen in mij die aan het veranderen waren. Zo ben ik me sneller bewust als ik afgeleid ben door gedachten of meegesleept wordt door emoties. Te laat komen is minder “een ding” geworden, voor zowel mezelf als voor anderen. En ik merkte toen al dat mijn hekel aan routineklusjes (huishoudelijke taken, administratie) begon af te nemen. Nu zijn daar nog een aantal opvallende zaken bij gekomen:

  • Ik voel me minder gehaast, vooral op plekken waar het heel vol en druk is. Ik heb altijd op een volle trap vanaf het treinstation of in een overvolle winkelstraat de neiging gehad om in sneltreinvaart om vervelende, langzame mensen heen te zigzaggen. Dat is dus nu weg. Soms voel ik de neiging nog wel maar daar ben ik me dan van bewust. Ik weet dat ik er niks mee op schiet. Ik loop alleen maar mezelf op te fokken en mogelijk anderen om me heen te irriteren omdat ik ze afsnijdt. Dus ik ga gewoon een versnelling of twee, drie lager. Fuck it.
  • Ik kan me beter afsluiten voor storende geluiden op de achtergrond. Er is bijvoorbeeld een heel irritant fluittoontje die veel telefoons (helaas nog steeds) maken als er een bericht binnenkomt. Dat fluittoontje werkt mij dus echt mega op mijn zenuwen. Net als het rammen op de knop om de deuren van de trein te openen als de knop nog niet groen is. Soms komt geluid sowieso harder of anders binnen dan normaal. En ik heb het afgelopen jaar beter geleerd om die geluiden er te laten zijn zonder ze te laten doordringen.
  • Ik ben me veel sneller bewust als ik me niet prettig voel in een bepaalde situatie en waarom. En nog belangrijker: ik handel er ook steeds meer naar. Als contact met iemand niet goed voelt, dan sluit ik me af of ik maak het bespreekbaar. Als ik het niet naar mijn zin heb op een feestje, dan ga ik naar huis. Als ik geen zin heb om mijn tijd te buigen naar de wensen van anderen, dan doe ik dat dus niet. Soms kan het heel simpel zijn.
  • Tot slot merk ik dat ik me beter bewust ben van mijn gevoel van verzadiging. Ik voel beter wanneer ik vol zit en stop dan met eten, hoe lekker het ook is. En ik voel ook beter wanneer ik echt leeg ben of gewoon lekkere trek heb. Daarnaast valt me op dat ik langzamer eet. Ik heb meer aandacht voor wat ik in mijn mond stop, kauw beter voor ik door slik, leg af en toe mijn bestek even neer. Zonder dat ik me heb voorgenomen om “vanaf nu mindful te gaan eten” ofzo.

Ga ik verder met mediteren?

Voorlopig in ieder geval nog wel. Ik vind de veranderingen die ik heb gemerkt in mezelf best bijzonder dus ik ben nieuwsgierig naar waar het nog meer toe kan leiden. Het is inmiddels een gewoonte geworden dus het kost me geen wilskracht om er mee door te gaan. Misschien ga ik het wel in een ander jasje steken door een andere app te gebruiken. Buddify schijnt ook een goede te zijn bijvoorbeeld.

Wil je ook kennis maken met mediteren? Ik mag weer 3 maanden gratis Headspace weg geven! Dus mocht je interesse hebben, laat het me maar weten.

Snel, makkelijk en gezond: traybake

Meestal kook ik in het weekend wat uitgebreider als ik tijd heb. Dan sneup ik graag door mijn kookboeken of op Pinterest op zoek naar lekkere nieuwe recepten. Even wat afwisseling van onze standaard maaltjes van door de week. Dit weekend had ik geen zin om lang in de keuken te staan, maar ik wilde wel wat nieuws… Dus: wat is snel en makkelijk te bereiden zonder al te veel rommel en afwas? Aangezien we nog lekkere aardappeltjes hadden liggen was het antwoord voor vandaag simpel: traybake!

Traybake… wat is het?

Traybake klinkt “fancy” maar het is gewoon de Engelse term voor een gerecht die klaar gemaakt is op de bakplaat van de oven.  Blijkbaar was traybake een trend in 2015. Kan je nagaan hoe trendgevoelig ik ben, haha. Zo werkt het: je snijdt en/of schilt aardappelen en groenten grof en verdeelt ze over een bakpapiertje op een bakplaat. Hierover heen sprenkel je olijfolie en je brengt de boel op smaak met verse en/of gedroogde kruiden. Afhankelijk van je smaak kan je vlees toevoegen, of niet. De bakplaat gaat vervolgens de oven in tot alles gaar is en klaar is je maaltijd. Snel, simpel, goedkoop en je kan er heel fijn mee experimenteren.

Traybake Pre-oven

Stap 1: groente en/of vlees

Hardere groenten (aardappels, wortels, koolraap, uit, knolselderij, venkel) doen er langer over om te garen dan zachtere groenten (champignons, tomaten, paprika, courgette). Wil je deze twee varianten mixen kan je dat doen door de hardere groenten 5 minuutjes voor te koken of door ze 10 minuten of een kwartier voorsprong te geven op de bakplaat voor je de zachtere groenten toevoegt.
Vleessoorten die je kan toevoegen zijn bijvoorbeeld kip (allerlei varianten: met/zonder vel, drumsticks, vleugels, dijen), vis (zalm, witvis, gamba’s), worstjes en ik kom zelfs recepten met gehakt tegen. Spek en chorizo kunnen lekkere extra’s zijn.

Traybake uit de oven

Stap 2: kruiden

En dan komt het belangrijkste stukje van het gerecht: de kruiden. Ik merk in mijn omgeving dat veel mensen niet weten hoe ze met kruiden om moeten gaan. Het is jammer als je nooit verder gaat dan peper en zout. Ik denk dat ik de helft van mijn moeder heb geleerd en de andere helft van experimenteren. Eigenlijk is het heel simpel:

  • Harde kruiden (kaneel, laurier, kruidnagel, rozemarijn, tijm) hebben meer tijd nodig om hun smaak los te laten dan zachte kruiden (basilicum, koriander, peterselie, bieslook). Laat daarom harde kruiden lekker mee sudderen en voeg zachte kruiden pas vlak voor het serveren toe.
  • Zowel harde als zachte kruiden worden heel en gemalen (of gedroogd) verkocht. Heel en vers is altijd lekkerder. Punt. Harde kruiden heel voeg je vroeg bij het koken toe en vis je er later weer uit (in een stoofpotje bijvoorbeeld), gemalen kruiden voeg je pas later toe en je hebt minder nodig. Gebruik van gedroogde kruiden een derde tot de helft van wat je vers zou gebruiken.
  • Oosterse kruiden (bv. kaneel, kardemom, kruidnagel, piment, ketoembar, sereh) combineren goed met oosterse kruiden. Westerse kruiden (bv. tijm, rozemarijn, bieslook, peterselie, salie) combineren goed met westerse kruiden. Sommige mixen kunnen heel goed, maar als beginnende kok zonder pakjes en zakjes is de kans dat je een succesvolle combinatie maakt minder groot 😉
  • Hou het simpel! Tenzij je bijvoorbeeld een specifieke marokkaanse of thaise smaak wil creëren geldt: less is more.

traybake maaltje op het bordEn dan zou je uiteindelijk zomaar zoiets op je bord kunnen krijgen. Super snel om te maken en verassend lekker. Terwijl dit 40 minuten in de oven staat heb je je handen vrij om wat op te ruimen en schoon te maken of gewoon lekker te gaan zitten met een boek of een serie. Ook heel geschikt dus voor door de week. Wil je dit trucje ook doen? Het recept voor deze traybake vind je hier. Eet smakelijk!

Thuis trainen vs. trainen in een sportschool

Het is best raar om me te beseffen dat ik al 15 jaar aan krachttraining doe. Ooit ben ik begonnen met de groepslessen van Less Mills. Body Pump was al vrij snel mijn favoriet. Ik vond het heerlijk om sterker te worden en steeds een grotere schijf aan mijn stang te kunnen schuiven. Ik was een van de weinige vrouwen die de grootste schijven (10 kg) nodig had of aan durfde om de benen te trainen. Body Pump wisselde ik af met Body Combat, Body Balance en Body Attack. Ik ging zo vaak naar deze lessen dat ik al vrij snel de routine beter kende dan degene die de les gaf. Ik raakte er een beetje op uitgekeken terwijl mijn kennis van krachttraining groter werd toen ik fysiotherapie ging studeren.

Sindsdien heb ik altijd mijn eigen trainingen vorm gegeven. Het scheelt natuurlijk wel dat ik best veel kennis heb van anatomie, fysiologie, trainingsleer en verschillende varianten op oefeningen. Sinds mijn vriend en ik samen trainen zijn we begonnen met investeren in materialen om thuis te trainen. Eerst kochten we 4 dumbells met schijven zodat we ze zelf zwaarder of lichter konden maken. Toen volgden twee stangen en zwaardere schijven. Een set kettlebells kwam daarna en uiteindelijk een paar jaar geleden zelfs een squatrek en een bankje er bij gekocht.

thuis trainen

De voordelen van thuis trainen

Een groot voordeel van thuis trainen is dat je er niet voor de deur uit hoeft. Als je alles bij de hand hebt kan je op alle momenten van de dag je workout doen. Je hoeft dus niet door weer en wind naar de sportschool, je kan meteen los als je zin of tijd hebt. Op de lange termijn bespaar je geld door te investeren in je eigen materialen in vergelijking met de abonnementsprijzen van sportscholen. Daarnaast leer je door thuis te trainen creatief te zijn met de materialen die je hebt.

De nadelen van thuis trainen

Je best wat discipline nodig hebt om daadwerkelijk je oefeningen te doen. De kans op uitstelgedrag is hogor als je niet op een afgesproken tijd of op een afgesproken plek hoeft te zijn. Hoe vaak heb jij je al voorgenomen dat je nu écht thuis oefeningen zou gaan doen voor je buikspieren of je rugspieren of de zoveelste squat of push up challenge? En hoe vaak heb je die oefeningen daadwerkelijk gedaan, thuis op je matje? Precies, dus dat.

Zonder apparaten, zwaardere gewichten en katrolsystemen ben je beperkter in je trainingsmogelijkheden. Daarnaast moet je er wel de ruimte voor hebben. Zeker een squatrek en een bankje nemen behoorlijk wat ruimte in. Dus tenzij je kan trainen in je garage of een kamer over hebt moet je vrede hebben met de spullen in je huiskamer.

Liefje-trainbw

De nadelen van trainen in een sportschool

Aan trainen in een sportschool kleven best een hoop nadelen. Allereerst moet je er de deur voor uit. Je moet er extra moeite voor doen. Aangezien veel mensen van nature lui zijn, houden we daar niet zo van 😉 Daarnaast kunnen sportscholen best prijzig zijn. Hoewel de meeste sportscholen in eerste opzicht heel goedkoop lijken, maken de voorwaarden het dan weer lastig (bijvoorbeeld alleen trainen in de daluren en met een lang abonnement waar je aan vast zit). Je moet de beschikbare apparatuur delen met anderen, dus dat betekent dat je soms moet wachten. Je zit vast aan de openingstijden en piek/daluren van de sportschool. Bovendien moet je wel een béétje weten wat je doet om je niet in een hoekje te laten intimideren door grote indrukwekkende kerels (die als je pech hebt theatraal lawaai maken of niet erg fris ruiken).

De voordelen van trainen in een sportschool

De afgelopen maanden hebben we erg lopen wikken en wegen; blijven we thuis trainen of maken we toch de stap naar een sportschool. Uiteindelijk zijn we allebei blij dat we voor een sportschool hebben gekozen, ondanks de grote nadelen. De opties in een sportschool zijn enorm. Er staan grote, dure apparaten die je nooit voor je home gym zou kunnen aanschaffen. Dus ook als het druk is in de sportschool en je dus niet de oefeningen kunt doen die je had gepland, dan zijn er nog zeker 10 andere soortgelijke apparaten of oefeningen die je kunt doen in plaats daar van.

trainen in sportschool

Trainen in de sportschool scheelt ons onverwacht veel tijd, ondanks de reistijd heen en terug. We zijn nu standaard in 45 minuten klaar omdat we niet op elkaar hoeven te wachten om een bankje of een bepaald gewicht te kunnen gebruiken. We hoeven ook niet steeds alles op te bouwen en af te breken. Dumbells liggen klaar vanaf 4 kg tot zwaarder dan ik ooit kan tillen in mooie stappen van 2 kg. Dus als je een beetje lichter of een beetje zwaarder wil, dan pak je gewoon andere dumbells of stel je het apparaat een beetje bij. Thuis konden we met opbouwen en afbreken en wachten soms wel een uur tot anderhalf uur kwijt zijn. Dat is dus zeer kostbare winst.

Maar wat mij nog het meest verbaast en geholpen heeft is hoe goed de stimulerende omgeving werkt. Het is heel fijn om in een ruimte te zijn met meer mensen die daar maar met 1 doel komen: lekker hard trainen. Dat maakt dat we zelf ook nét wat harder werken en nét wat meer gewicht verplaatsen. Ook als we van te voren niet zo veel zin hadden, werkt dit heel motiverend. Dus… de komende twee jaar trainen we in de sportschool. En wat we daarna gaan doen… dat zien we dan wel weer!

Gezond én betaalbaar eten. Hoe dan?

Naast de vaste woonlasten gaat een groot deel van ons inkomen naar de boodschappen. Een veelgehoord excuus om niet zo gezond te leven als we wel graag zou willen is dat gezond eten te duur is. Aan de ene kant zit hier wel een kern van waarheid in, aan de andere kant kan je het zo duur maken als je zelf wilt. Er zijn verschillende slimme tips en trucs die ik met je wil delen om de kosten van de boodschappen een beetje onder controle te houden en misschien wel behoorlijk omlaag te brengen.

Voorbereiding

Gezond eten kost een beetje voorbereiding. De snelste manier om geld te besparen is om te koken met wat er in de aanbieding is in de supermarkt. Hiervoor is het handig als je meer dan 3 recepten in je repetoir hebt. Op internet kan je een heleboel leuke en lekkere recepten vinden. Er is zelfs een app ontwikkeld voor het koken met aanbiedingen. Zelf volg ik een aantal blogs die af en toe lekkere recepten op facebook voorbij laten komen voor inspiratie en ook Pinterest is daar een mooi medium voor.

Daarnaast is het makkelijk scoren door vaker vegetarisch te eten aangezien vlees meestal het duurste onderdeel van de maaltijd is. Kies ook voor groente en fruit van het seizoen. Die zijn goedkoper, lekkerder en voedzamer. Mooie overzichten hiervan vind je op internet en via een app.

Waar doe jij je boodschappen?

De appie op de hoek is niet de enige mogelijkheid die je hebt. Hij is misschien wel het dichtste bij (lees: het makkelijkst), maar vaak loont iets meer inspanning wel de moeite. Andere winkelketens zijn goedkoper. Het kan zinvol zijn om de wekelijkse boodschappen te verdelen over twee of drie winkels.

markt

De markt is een prachtige plek om goed en goedkoop boodschappen te doen. Iedere woensdagochtend ga ik naar de markt voor eieren, groente & fruit, knoflook & uien en soms noten, vlees of vis. Als je in de namiddag gaat kan je vaak mooie deals maken omdat marktkooplui niet graag hun verse waren weg gooien maar liever aan jou meegeven.

Verse kruiden haal je het allerbeste bij een Turkse of Marokkaanse groenteman. Hier koop je bossen peterselie, bieslook en koriander voor een euro, waar je in de supermarkt waarschijnlijk meer dan 10 euro voor betaalt. En gedroogde kruiden haal je het beste bij een toko. Hier betaal je veel minder geld voor véél meer kruiden.

In de supermarkt

Ook in de supermarkt kan je slimme keuzes maken die vriendelijk zijn voor de portemonnee. Zelf je groente afwegen in plaats van een voorverpakte hoeveelheid loont al. Daarnaast is het goedkoper om zelf je groente en vlees in stukjes te snijden in plaats van voorgesneden te kopen. Let hierbij voor de aardigheid eens op de kiloprijs die vaak op de verpakking of op de bordjes staat.

Koop producten als aardappelen en rijst in grote, merkloze verpakkingen. Een kilo zilvervliesrijst in een doorzichtige plastic zak bij de Dirk kost ruim de helft minder dan 400 gram rijst in een mooi kartonnetje van Lassi. Toko’s hebben overigens mega verpakkingen voor mega gezinnen!

Groente en fruit uit de diepvries, blik of pot zijn een prima alternatief voor vers. Zelf hou ik niet zo van groenten uit blik of pot, maar de voedingswaarde is in ieder geval prima. Ik kies liever voor ingevroren producten. Zo kun je wél het hele jaar door frambozen en blauwe bessen eten of sperziebonen als die even niet in het seizoen zijn.

Laat tot slot superfoods zo veel mogelijk links liggen. Aan de ene kant is het mooi dat ze steeds toegankelijker worden en je er niet persé voor naar een biologische winkel hoeft. Aan de andere kant is roomboter veel goedkoper dan kokosolie, is zilvervliesrijst minstens net zo voedzaam als quinoa en bevatten “gewone” groenten en fruit alle vitaminen en mineralen die je nodig hebt.

In de keuken

Zelfs in de keuken kun je uiteindelijk geld besparen. Mensen zijn tegenwoordig enorme voedselverspillers en dat is zonde en niet nodig. Gebruik je koelkast en vriezer verstandig. Weet hoe lang je dingen kan bewaren en wat de juiste plek is.

koelkastindeling

Leer bovendien inschatten hoeveel je nodig hebt zodat je niets hoeft weg te gooien. 100 – 150 gram vlees of vis per persoon is genoeg, gecombineerd met 200 gram groente. Twee tot drie aardappeltjes of 80 – 100 gram droge pasta/rijst per persoon is vaak ruim voldoende. Alleen als je een bouwvakker bent of een intensieve sporter kan je wel vier of vijf aardappelen op of 25 gram pasta/rijst extra. Meer is echt niet nodig. En heb je toch te veel gekookt? Gooi het niet weg maar eet het de volgende dag als lunch. Of vries het in voor als je een keer geen tijd hebt om te koken. Of verwerk het in een nieuw gerecht.

Wat is jouw beste bespaar tip om goedkoop én gezond te kunnen eten?

 

Ont-moeten

Eigenlijk heb ik al een jaar of twee geleden met mezelf afgesproken dat ik maximaal 2 sociale dingen in 1 weekend plan. Dit is om mezelf te beschermen tegen te volle, drukke weekenden. Want verjaardagen, lunchdates, bijklets-avondjes en etentjes zijn heel gezellig, maar ze kosten ook veel tijd en energie. Voor ik het weet is het weer maandag en start ik de nieuwe werkweek met een half volle batterlij. Omdat de afgelopen weekenden niet bepaald gepland waren volgens mijn maximaal-2-sociale-dingen-regel heb ik in de loop van afgelopen week bewust een kruis gezet door dit weekend. Even helemaal niks moeten…

Het was dan ook grappig om me te realiseren dat mijn hersenen daar heel onrustig van werden; dat ont-moeten. Ze probeerden me uit alle macht te herinneren aan die cursus die nog moet worden uitgewerkt, wat administratie voor mijn werk dat nog moet worden gedaan, ons appartement wat eigenlijk van boven tot onder moet worden schoon gemaakt. Hé bah… daar word ik niet relaxed van.
Toen bedacht ik dat ik dit weekend tijd zou hebben om het boek dat ik aan het lezen ben uit te lezen. En hoppa, mijn hoofd maakte daar meteen een soort doel van. Alsof mijn weekend gefaald zou zijn als ik het doel niet haalde. Ofzo. Heel vermoeiend in ieder geval.

ontspanning is wie je bent

Tegelijkertijd werd ik me bewust van hoe vaak ik het woord “moeten” zeg of denk. En hoe vaak anderen dat ook doen. Als coach en fysiotherapeut ben ik daar sowieso erg alert op. Als iemand zegt dat hij/zij “aanstaande zondag weer een wedstrijd MOET spelen” of “een x aantal kilo’s MOET afvallen” dan wil ik eigenlijk altijd wel weten van wie dat dan “moet”. Nou ja… dan wordt het meestal wel genuanceerd, maar… ik begrijp toch wel wat er wordt bedoeld? Natuurlijk begrijp ik dat. Ik ga dan ook steeds meer begrijpen hoe krachtig onze woorden zijn en hoe tekenend onze woordkeus is.

In plaats van moeten zijn er verschillende woorden die je zou kunnen gebruiken die veel krachtiger zijn. Bijvoorbeeld: willen, kiezen, gaan, doen, kunnen en laten.
Ik moet wil die cursus uitwerken omdat ik daar beter van kan worden. Ik moet kies er voor mijn administratie op orde te houden. Ik moet ga 1 huishoudelijke taak per dag doen zodat het behapbaar blijft. Ik kan er natuurlijk ook voor kiezen om het door een huishoudelijke hulp te laten doen. Door deze andere woorden te kiezen verandert de motivatie, de verantwoordelijkheid en de energie van de zin.

niks moet niksen mag

Dit heb ik afgelopen weekend uiteindelijk gedaan: hard getraind in de sportschool en een wandeling gemaakt. Mijn boek uit gelezen (ha! Dus toch!) en vier films gekeken. Twee lekkere nieuwe recepten uit geprobeerd en eten voorbereid voor de komende twee werkdagen. Daarnaast ook nog nuttig bezig geweest door wat op te ruimen en schoon te maken in huis, een blog te schrijven en nog een uurtje aan mijn administratie te werken. Niet dat het nu klaar is, maar ach.. het is nooit écht klaar. Niet slecht voor een weekendje zonder doelen, deadlines of afspraken en toevallig zijn het ook nog eens allemaal dingen waar ik gelukkig van word.

Volgend weekend ga ik nog maar een keer zo’n weekendje ont-moeten. Doe je met me mee?

 

Wandelen: Het Pieterpad

Mijn laatste blog sloot ik af met een vraag. Ga ik door met hardlopen of geef ik mezelf (weer) toestemming om te stoppen? Hoewel het meer een vraag was aan mezelf dan aan jou als lezer heb ik er wel veel reacties op gekregen. Dus dank je wel voor het delen van je visie! Inmiddels heb ik mijn besluit gemaakt, op basis van mijn ervaringen van vorig weekend.

Vorig jaar zijn mijn moeder en ik begonnen aan het Pieterpad. Dit is het langste LAW (Lange Afstand Wandelpad) van Nederland. Het loopt van Pieterburen in Groningen tot aan de Sint Pietersberg in Limburg. De totale lengte van het pad is 492 kilometer en wordt verdeeld over 26 dagetappes. De lengte van de dagetappes is gemiddeld tussen de 15 en 22 kilometer. Langs de route zijn er allerlei leuke B&B’s te vinden dus perfect voor een wandel-weekendje weg.

overzichtskaartje PieterPad

Mocht je nu bij jezelf denken “waarom zou ze dat in godsnaam willen doen”, dan zal ik dat uitleggen. Ik hou namelijk enorm van wandelen!  Het is best verbazingwekkend hoe ver onze voeten ons kunnen dragen. Het duurt alleen wat langer dan wanneer je het hardlopend doet, om even op mijn vorige blog terug te komen. Maar ik wandel vele malen liever 20 kilometer in 5 – 6 uren dan dat ik 10 kilometer hardlopend moet afleggen in iets meer dan een uur. Wandelen geeft mij namelijk wél de voordelen die ik van hardlopen nog niet heb gekregen. Het maakt mijn hoofd leeg. Het geeft me de kans om beter en dieper na te denken omdat ik lang en in een gestaag tempo beweeg. Wandelen put me niet zo uit als hardlopen dus vind ik het veel langer leuk. En ik hou erg van de natuur. Zowel duinen als bossen, zowel in de stad als op het platte land. Ik ben gewoon graag buiten.

Drentse Landschap

Beginnen aan het Pieterpad was een beetje een gok. Want het is wel een beetje gedoe allemaal. Je beginpunt en eindpunt zijn nooit hetzelfde. Dus alles wat je meeneemt moet je in een rugzak bij je dragen. En je bent afhankelijk van het openbaar vervoer (of je moet een lift van iemand regelen). Nou ben ik wel redelijk vriendjes met het ov sinds ik geen auto meer heb dus dat is op zich geen probleem. Waar ik vooral aan twijfelde was of het wel een mooie wandeltocht zou zijn. Ik had namelijk niet zo veel zin om over fietspaden te lopen bijvoorbeeld. Maar meteen na de eerste twee etappes waren we overtuigd: het Pieterpad is mooi lopen en zeer de moeite waard. Tijdens het wandelen zie je de natuur om je heen veranderen. Van de kale Groninger klei naar de Drentse zandgrond zijn we nu al gelopen en je ziet de huizen, de dieren, de mensen en de bebossing veranderen. We hebben gelopen door weilanden en over zandpaden, door gehuchtjes en dorpjes. Allemaal paden die je niet vindt als je niet bekend bent in de regio.

Drentse Landschap 2

Vorige week hebben mijn moeder en ik 3 etappes achter elkaar gelopen en we zijn geëindigd in Schoonloo, tussen Groningen en Emmen in. We hebben dus nog een lange weg te gaan. Zo af en toe gaan we een weekendje plannen en dan wandelen we twee dagen. En daar genieten we allebei erg van. Naast het Pieterpad zijn er vele andere mogelijkheden om mooie wandelingen te maken. Leuke dagwandelingen zijn bijvoorbeeld NS-wandelingen. Die zijn door het hele land van station naar station. En daarnaast zijn er nog vele andere LAW’s en Steekpaden van wisselende afstanden door het hele land te vinden.

De paden op de lanen in

Nieuwe hardloopschoenen gaan er dus niet komen. Ik ga me richten op wat ik wél leuk vind. Tips voor mooie wandelroutes zijn zeer welkom!

To run or not to run

Hoewel David het haar had afgeraden kwam Linda het toch aan me vragen…

Iedereen die mij een beetje kent weet dat ik een haat/liefde iets minder haat – verhouding heb met hardlopen. Een jaar of 7 geleden heeft een collega mij uitgedaagd om de Dam tot Dam loop te lopen. Een sportfysiotherapeut zoals ik moest toch met gemak 16 km kunnen hardlopen, vond hij. Bovendien is de damloop een begrip in de Zaanstreek, waar ik werk. Die “moet” je eigenlijk wel een keer gelopen hebben. Challenge accepted.
Wat een slecht idee was dat zeg. Uiteindelijk was het gaaf om gedaan te hebben hoor. Maar ik kwam strompelend over de finish en ik heb daarna maanden kunnen nagenieten van een stevige blessure.

Nadat ik was hersteld van die blessure heb ik het hardlopen toch weer opgepakt. Niet omdat ik het zo leuk vond, maar sport is goed en belangrijk. Een andere vorm van conditietraining deed ik niet. Het zorgde voor balans naast dansen en krachttraining. Verschillende georganiseerde loopjes heb ik wel gedaan zoals, de olympisch stadion loop, de zandvoort circuit run, de midzomernachtcross en zelfs een keertje mudmasters. Ik wist wel dat ik dit soort evenementen nodig had om het hardlopen vol te blijven houden. Want waar deed ik het anders voor?

Voor de Alkmaar City Run

Hardlopen is stom

Uiteindelijk heb ik het hardlopen opgegeven. Of eigenlijk heb ik mezelf toestemming gegeven om het niet leuk te vinden en het dus niet meer te hoeven doen. Die “runnershigh” die sommige lopers ervaren tijdens het lopen van lange afstanden heeft mij nooit kunnen bereiken. Van alle keren die ik heb gelopen (en dat zijn er veel) zijn de keren dat ik écht lekker gelopen heb misschien op twee handen te tellen. De rest van de keren had ik steken in mijn zij of liepen mijn kuiten binnen de eerste 100 meter vol of kreeg ik mijn ademhaling niet onder controle of… nou ja.. je snapt het idee 😉

Hardlopers zijn eigenlijk ook rare mensen. Want als je in gesprek gaat met hardlopers (wat ik voor mijn werk als fysiotherapeut veel doe) dan hoor je dat de meeste hardlopers het niet doen omdat ze lopen zo leuk vinden. Sterker nog: de meeste lopers vinden zelf hardlopen ook maar saai! Maar het is het buiten zijn, het hoofd leeg maken, het fysieke aspect en de verbondenheid tijdens een georganiseerde loop die lopers de drive geeft om te blijven lopen.

Tijdens de Alkmaar City Run

Alkmaar City Run 2016

En toen kwam Linda aan het begin van dit jaar vragen of David en ik met haar de Alkmaar City Run wilden lopen op 6 mei. Want ze struggelde met motivatie om het hardlopen op te bouwen en vol te houden en alleen aan een loopje mee doen is ook maar zo alleen. Shit… Mijn haat-aan-hardlopen-ratio bromde meteen een harde nee. Mijn steunende-stimulerende-coachende-gevoel opperde dat mijn hardlooptechniek inmiddels na alle krachttraining verbeterd zal zijn en het is maar 5 kilometer en meer van dat soort goed onderbouwde bla. Nou ja… lang verhaal kort: afgelopen vrijdag liepen we dus met zijn drieën de Alkmaar City Run.

Sinds we ons hebben ingeschreven in februari hebben David en ik iedere zaterdag getraind. En dat is waar het bij mij een beetje mis gaat met hardlopen: ik heb een hekel aan trainen en moeten. Dus heb ik het heel informeel aangepakt, gewoon lopen wat goed voelt. Ik heb zélfs twee keer alleen gelopen toen David op wintersport vakantie was. Niet dat ik het leuk vond, maar ik heb het wel gedaan.

Ik moet toegeven dat de Alkmaar City Run een hele leuke loop was. We startten om 21.00 toen het nog licht was en al lopende werd het steeds donkerder. De route ging kriskras door het centrum van Alkmaar. Overal stonden mensen langs de kant om de lopers aan te moedigen. Daarnaast waren er drumbands en DJ’s die de aandacht van het lopen af haalden. De ondergaande zon trakteerde ons op mooie luchten. We waren niet de meest atletische lopers, maar dat was ook nooit ons doel. We hebben de 5 km eigenlijk in 1x uitgelopen (wat voor Linda de eerste keer sinds lange tijd weer was) en in 36 minuten waren we binnen. Niet slecht dus. We zijn veel ingehaald, maar we hebben ook een hoop mensen ingehaald. Mensen die moesten wandelen of het tempo niet konden vasthouden. Al met al waren we dus helemaal niet ontevreden. Maar we waren wel kapot toen we ’s avonds rond 11 uur thuis kwamen met een werkdag én het evenement in de benen!

Na de Alkmaar City Run

Dilemma

Tsjah… en nu? Nu zijn mijn hardloopschoenen flink versleten en aan vervanging toe. Dat ik er ook vaak op werk, draagt daar natuurlijk behoorlijk aan bij. Nu kan ik dus conditioneel weer 5 kilometer aan een stuk lopen. Maar nu het doel is weg gevallen, waar doe ik het dan nog voor? Ga ik goede nieuwe schoenen kopen om op te werken, die niet perse geschikt zijn om op hard te lopen? Of ga ik investeren in nieuwe hardloopschoenen met de intentie om toch te bijven lopen…?

Als ik blijf lopen, weet ik dat ik niet vaker wil dan 1x per week, niet langer wil dan 5 km en dat ik periodieke doelen nodig heb in de vorm van een georganiseerde loop.
Als ik weer stop met lopen weet ik dat ik het niet zal missen. Het fitte begin van het weekend, het fijne gevoel na het lopen en de sportieve balans die het brengt zijn wel fijn, maar het lopen zelf zal ik niet missen.

To run… or not to run…? That is the question.

Alcohol en leefstijl

“Ahh, doe niet zo ongezellig” of “Ahh, doe niet niet zo saai”. “Ééntje kan toch wel?” Dit zijn zo ongeveer de standaard reacties als je in een sociale situatie zegt dat je geen alcohol hoeft. De afgelopen weken heb ik met een aantal verschillende mensen gesprekken gehad over alcohol en welke plaats alcohol kan hebben in een gezonde leefstijl. Het was dus onvermijdelijk om er een blog over te schrijven!

Alcohol: de effecten

Er zijn verschillende redenen voor mensen om alcohol te drinken. In de eerste plaats vinden veel mensen het lekker. Een mooi wijntje bij het eten of een koud biertje op een zomerdag kan ontzettend genieten zijn. Tot drie glazen werkt alcohol verdovend op de hersenen. Hierdoor raak je een beetje ontremd. Je wordt dan wat drukker, voelt je minder zelfbewust en maakt makkelijker contact met mensen. Dat is dan ook een tweede veel gehoorde reden om alcohol te drinken.

wijntje-broodje
Wanneer je meer dan 3 glazen drinkt dan treden al de minder leuke gevolgen van alcohol op. Je gaat jezelf (en je fietskunsten) overschatten. Je coordinatie wordt minder, net als je reactievermogen. Je gezichtsvermogen wordt beperkt (je krijgt tunnelvisie door verdoving van je buitenste oogzenuwen). Dit heb je allemaal zelf niet door, omdat je jezelf overschat.

Vanaf meer dan 7 glazen (afhankelijk van geslacht, gewicht en … laten we het de mate van “getraindheid” noemen) ontstaat er in sterk toenemende mate een desorientatie geconbineerd met roekeloosheid. Er kan nu misselijkheid gaan ontstaan en je geheugen wordt met het glas slechter. Gelukkig maar, want dan kan je je de volgende dag niet zo veel meer herinneren van hoe dronken je was.

Alcohol en afvallen: de nadelen

Er zijn een aantal belangrijke redenen waarom alcohol je enorm kan saboteren als je probeert een paar kilo af te vallen. De lever is verantwoordelijk voor het afbreken van alcohol in het lichaam. Ruim 95% procent van de alcohol die je drinkt gaat via de lever. De lever doet 1 tot 1,5 uur over de afbraak van 1 standaardglas alcohol. Stel, je drinkt 6 glazen alcohol, wat op een verjaardagsfeestje, een festival of een avondje stappen helemaal niet gek is. Dan doet je lichaam er dus 6 tot 9 uren er over om die alcohol af te breken. Je kunt er niets aan doen om te zorgen dat dit sneller gaat. Dus het drinken van koffie of melk, veel bewegen, het nemen van een koude douche of vet eten voor of na de tijd, geen van deze oma-weet-raad-trucjes werken écht.

wine doesn't make you fat

In de tijd dat je lever bezig is met het afbreken van de alcohol gaat alle aandacht van het lichaam daar heen. Alle andere verwerkingsprocessen in je lichaam staan op dat moment stil. Er vind dus al die uren (afhankelijk van hoeveel je drinkt) geen vetverbranding plaats. Maar tegelijkertijd levert alcohol wél energie. Namelijk 7 kilocalorieën per gram. Dat is bijna net zo veel als vet en bijna twee keer zo veel als koolhydraten en eiwitten. Daarnaast werkt alcohol enorm eetlustopwekkend. Je moet toch toegeven dat patat of shoarma het lekkerst smaakt na een avond flink doorzakken… Alle energie die je binnen krijgt via je eten en drinken wordt dus opgeslagen (als vet) totdat je lichaam klaar is met het verwerken van de alcohol.

Last but not least zit er nog een flinke valkuil in de standaard maten voor alcohol. Voor bier is de “standaard” een tap-glas. Een flesje of een speciaalbiertje is dus al weer meer dan 1 standaard eenheid. En we kennen allemaal wel die vriendin, moeder, tante, buurvrouw of collega (you know who you are 😉 ) die twee of drie standaard eenheden wijn in 1 wijnglas weet te vangen. Op die manier denk je misschien dat je alcohol consumptie wel wat mee valt…. terwijl je dus eigenlijk veel meer drinkt dan dat je denkt.

Alcohol en een gezonde leefstijl: 8 tips

  1. De richtlijn voor het drinken van alcohol voor vrouwen is 1 standaardglas per dag en voor mannen 2 standaardglazen. Vooral op oudere leeftijd (senioren, 55+) wordt het steeds moeilijker voor het lichaam om alcohol af te breken en zijn deze richtlijnen dubbel belangrijk.
  2. Regelmatig komen er onderzoeken vrij die “bewijzen” dat een glas wijn per dag gezond is om bepaalde redenen. Hou jezelf niet voor de gek. De nadelen van alcohol voor het lichaam zijn nog altijd groter dan de voordelen. Drink dus geen alcohol omdat het “goed voor je gezondheid zou zijn” maar gewoon omdat je het lekker vind.
  3. Wil je meer inzicht in je drinkgedrag? Noteer een maand lang hoeveel je drinkt, wanneer en met wie. Na die maand kan je terug kijken of er een bepaald patroon in je drinkgedrag zit.
  4. Voorkom dat het drinken van alcohol een gewoonte wordt door niet iedere dag te drinken. Maak afspraken met jezelf over wanneer je wel en wanneer je niet drinkt.
  5. Spreek van te voren af met jezelf (en het liefst ook met anderen!) hoeveel je wilt drinken. Of stel een tijdstip waarna je niet meer drinkt. Wees ook eerlijk tegen jezelf als je geen maat kan houden. Als je een alles of niets type bent en het niet bij 1 of 2 drankjes kan laten is het misschien beter om helemaal niet te drinken.
  6. Drink geen alcohol als je dorst hebt. Van alcohol (ja ook van bier) krijg je juist meer dorst.
  7. Wissel het drinken van alcohol af met water of fris.
  8. Last but definitely not least: zoals ik aan het begin van mijn blog al aan gaf, alcohol drinken is sociaal geaccepteerd gedrag. Géén alcohol drinken wijkt dus af van de norm. Door zelf bewust geen alcohol te drinken confronteer je anderen bewust of onbewust met hun eigen ideeën en gedrag rondom alcohol. Hieruit kunnen vervelende of niet-steunende reacties ontstaan. Bedenk dus van te voren wat je gaat zeggen als iemand jou een drankje aan biedt. Ga geen discussie aan. Dat is nergens voor nodig. Jouw keuze. Punt.

8 tips voor een gezonde lunch buiten de deur

Sommige mensen eten veel buiten de deur. Ik ben niet een van die mensen. Dus die schaarse keren dat ik een keer “uit” lunchen ga, zoals gistermiddag, die koester ik. Uit eten gaan kan lastig combineren zijn als je op je voeding en je gewicht probeert te letten. Natuurlijk kan je er voor kiezen om het er gewoon lekker van te nemen die ene keer dat je buiten de deur eet. Aan de andere kant kan een simpele lunch in een restaurant met gemak twee keer of zelfs drie keer meer kcal bevatten dan je normaal zou eten. En dat is toch zonde… Komende week ga ik met een vriendin een midweek naar Londen. Dat betekent dus lekker veel uit lunchen en uit eten. Door rekening te houden met de komende punten probeer ik bewust (of eigenlijk onbewust) toch een beetje op te letten zonder dat ik minder geniet!

lunchkaart1

  1. Bekijk vooraf de menukaart. Voordat ik ergens besluit te gaan eten heb ik altijd mijn huiswerk al gedaan. Dat betekent dus dat ik de kaart al heb bekeken (online of bij de deur) en dat ik weet dat er ruim voldoende lekkere en gezonde opties zijn. Ik ga eigenlijk nooit “zomaar” ergens zitten.
  2. Zorg er voor dat je wel trek hebt, maar geen honger. Hoe meer trek je hebt, hoe meer en sneller je geneigd bent om te eten. En daardoor geniet je ook nog eens minder van hetgeen je eet.
  3. Bespaar op vloeibare calorieën. Drink dus thee, koffie, water of een light frisdrank in plaats van een sapje of een smoothie. Natuurlijk geef ik meteen toe dat die laatste twee érg lekker kunnen zijn. Het nadeel is dat ze geen duurzame verzadiging geven en wel relatief veel calorieën. Tijdens onze lunch gisteren dronken we huisgemaakte limonade uit een mooie beker en opgeleukt met een schijfje citroen en een takje munt. Dat geeft meteen een classy uitstraling en gevoel, terwijl het… gewoon limonade is.lunch
  4. Overweeg eens soep voor de lunch. Uitzondering op de vloeibare calorieën-regel is soep. Een maaltijdsoep als maaltijd of een licht soepje als bijgerecht kan een hele goede keuze zijn. Mits er lekker veel groente en/of peulvruchten in zitten en niet te veel room en croutons natuurlijk 😉
  5. Een salade kan ook een goede keuze zijn. Maar gebruik wel een beetje je gezonde verstand. Het woordje salade kan soms misleidend zijn. Als er veel vette voedingsmiddelen gecombineerd worden (kaas, noten, croutons, bacon, avocado) dan kan je misschien beter iets anders kiezen.
  6. Er is niks mis met brood. Kies wel het liefst voor boterhammen in plaats van luxe broodjes. Vooral croissants en de harde bollen bevatten nogal wat meer kcal en minder vezels dan een gewone boterham.Luxe-broodjes
  7. Vraag hoe dan ook om bruin brood. Of je nu voor een luxe broodje kiest of voor de gewone boterham of voor een stokbroodje bij je soep of salade: de bruine en het liefst volkoren variant is altijd de beste keuze.
  8. Pas op met je broodbeleg. Magere vleessoorten zijn altijd veilig (kip, fricandeau, rosbief, filet american) en denk ook eens aan een uitsmijter of omelet. Pas op met kaas. Dit wordt vaak in ruime hoeveelheid gegeven (ook geitenkaas en mozzarella) waardoor het snel calorierijk is. Vis kan een goede keuze zijn maar vette vis is ook weer snel calorierijk. Let op dat ook gezonde producten als avocado en hummus behoorijk vet en dus calorierijk zijn.

Het is vooral belangrijk dat je je bewust bent van je keuzemogelijkheden. Probeer dan ook de keuzes bewust te maken en geniet er van. Soms kies ik lekker voor een smoothie of een cinnamon latte machiato. Dan zorg ik er wel voor dat ik daar een volkoren broodje met kip bij doe of een linzensoep met lekker veel vezels zodat ik niet over een uur al weer trek heb. En gister was mijn hele lunch zó goed doordacht en verantwoord dat ik mezelf getrakteerd heb op carrotcake als toetje. En daar heb ik dan ook erg van genoten. Dat kon ook makkelijk want in aanloop naar de lunch habben we al een paar kilometer gewandeld. En zo kan een gezonde leefstijl eigenlijk heel simpel zijn!

Zomertijd & avondmensen

Afgelopen nacht ging de klok weer naar de zomertijd. Het was een kort nachtje en dat is altijd een beetje vervelend. Vanmorgen zaten we dus met een vermoeide familie aan het paasontbijt. Schoonzus had zich vergist in welke kant het uur op ging. Ze vond het niet gek om tussen half 11 en 11 af te spreken, want dan zou het tenslotte in de “oude” tijd rond 12 uur zijn. Ware het niet dat het in werkelijkheid dus rond 10 uur was… Want in het voorjaar gaat de klok vooruit. Oeps…  En mijn vriend dacht dat hij vannacht nog wel een extra biertje of twee kon drinken met vrienden totdat zijn telefoon hem vertelde dat de tijd wel érg snel voorbij ging.

zomertijd

Voordelen zomertijd

De zomertijd is ooit in het leven geroepen om ons een uurtje langer licht te geven in de avond. Zonder zomertijd zou het in juni en juli al rond 4.30 licht worden en om 21.00 weer donker. Het verschuiven van het uur zou vooral energiebesparend moeten werken. Langer licht betekent minder stroomgebruik. Of dit echt zo is hangt er van af hoe je dat extra uurtje gebruikt. Als je daadwerkelijk buiten bent kan het wel een beetje geld besparen. Maar als je op hete zomerdagen (…die… let’s face it, vrij schaars zijn in Nederland…) liever binnen in de airco en bij computer of tv zit dan is dat niet bepaald geldbesparend…

Nadelen Zomertijd

Het lijkt alsof er meer nadelen zitten aan de zomertijd dan voordelen. De zomertijd zorgt een aantal maanden voor structureel minder slaap (dus niet alléén afgelopen nacht). En de hoeveelheid uren die we slapen is al aan de krappe kant. De eerste maandag na het instellen van de zomertijd komen er significant meer hartinfarcten voor en wordt er meer zelfmoord gepleegd. De eerste weken daarna zijn we minder productief (want we zijn moe en chagerijnig) en komen er veel meer aanrijdingen voor. Maar goed dus dat het morgen paasmaandag is en dus een stuk rustiger op de weg dan op een werkdag.

Ochtendmens of avondmens?

Er wordt gezegd dat ochtendmensen relatief minder moeite hebben met zich aanpassen aan de zomertijd en avondmensen zich prettiger voelen bij de wintertijd. Ook over de termen “ochtendmens” en “avondmens” is een hoop discussie. Ons slaap-waakcyclus wordt grotendeels bepaald door licht en donker. In de ochtend hebben we licht en beweging nodig om goed te kunnen ontwaken en opstarten. In de avond hebben we donker en rust nodig om ons voor te bereiden op de nacht.
Uit onderzoek blijkt dat wanneer we gaan leven zonder kunstmatige lichtbronnen, we ons slaap-waakritme vrij snel aanpassen aan de zonsopkomst en –ondergang. Dit is ongeacht welk “type” mens je bent. Misschien zijn ochtendmensen wel gewoon dagmensen. En misschien zitten avondmensen wel gewoon te lang achter computer of tv en houden ze hun gordijnen ’s morgens te lang dicht…

Drie tips om beter te slapen

  1. Pas je ritme meteen aan bij het verzetten van de klok. Slaap dus niet uit maar sta op je gebruikelijke tijd op. Doe geen middagdutje als je moe bent maar ga vanavond op je gewone tijd naar bed.
  2. You snooze… you loose…! Sta op zodra de wekker gaat, trek de gordijnen op en en kom in beweging.
  3. Bouw de hoeveelheid licht ’s avonds geleidelijk af. Het laatste half uur voor je gaat slapen doe je er goed aan om alle kunstmatige lichtbronnen (inclusief smartfone) aan de kant te leggen.

Wat vind jij: moeten we de zomertijd afschaffen? Waarom (niet)?